E

Eclampsie

Een stoornis die wordt gekenmerkt door coma en stuipen; ontwikkelt zich vanaf het midden van de zwangerschap tot een week na de bevalling.

Eenheid

Internationaal vastgestelde basishoeveelheid insuline. In Nederland wordt voor mensen 100 IE per ml gebruikt. Dat wil zeggen: 100 eenheden insuline per milliliter (cc) oplossing.

Eilandjes van Langerhans

Groepjes cellen in de alvleesklier (pancreas), waarin zich ondermeer de bètacellen bevinden, waarin het bloedsuikerverlagende hormoon insuline wordt gemaakt en de alfacellen, waarin het bloedsuikerverhogende hormoon glucagon wordt gemaakt.

Eilandjestransplantatie

Transplantatie van de Eilandjes van Langerhans uit de alvleesklier.

Eiwitten

Voedingsstof die in het lichaam tot brandstof en ‘reparatiemateriaal’ wordt verwerkt. Eiwitten zitten onder andere in zuivel, vlees en vis.

Embolus (meervoud emboli)

Een bloedstolsel (of een ander vreemd lichaam, zoals weefsel of een luchtbel) in de bloedsomloop.

Encapsulatie

Het inkapselen, oftewel voorzien van een kapseltje.

Endocriene klieren

Klieren die hormonen produceren en in de bloed-baan brengen. Zij beïnvloeden o.a. de werking van de voedingsstoffen door het lichaam. Ook andere lichaamsfuncties worden beïnvloed. De alvleesklier is een voorbeeld van een endocriene klier. Deze produceert insuline, waarmee het lichaam glucose kan omzetten in energie.

Endocrinoloog

Internist gespecialiseerd in onderzoek en behandeling van aandoeningen van de endocriene klieren (klieren waarvan het product in het bloed komt).

Enzymen

Eiwitten die de chemische processen in het lichaam beter en sneller doen verlopen. Ieder enzym heeft als regel een eigen chemische taak, bijvoorbeeld het bevorderen van de omzetting van zetmeel in glucose.

Epifrine

Een hormoon geproduceerd door de bijnieren; ver-hoogt de bloedsuikerspiegel.

Estrioltest

Een test om de estriolspiegel (E3, een vrouwelijk hormoon) in het bloed of de urine te testen; een normale spiegel geeft aan dat de baby waarschijnlijk gezond is.

Euglycemie

Toestand waarbij het glucosegehalte in het bloed normaal is (=normoglycemie).

Exocrien weefsel

Weefsel in de pancreas dat spijsverteringssappen maakt.